Waarom streng zijn voor jezelf vaak averechts werkt

Gepubliceerd op 2 juni 2026 om 18:36

Waarom streng zijn voor jezelf vaak averechts werkt

Hoe controle en schuldgevoel je juist verder kunnen laten vastlopen

'Ik moet gewoon meer discipline hebben.'

Misschien heb je die gedachte ook weleens gehad. 

Na een eetbui. 

Na een avond snaaien. 

Na een dag waarop je weer anders at dan je had gepland.

En dus besluit je: Morgen ga ik het écht goed doen.

Minder eten.

Gezonder eten.

Geen suiker.

Niet snoepen.

Meer controle.

Je spreekt jezelf streng toe. En heel even voelt dat misschien goed.

Alsof je weer grip hebt. Maar vaak gebeurt daarna precies hetzelfde.

Je houdt het even vol… Tot er iets gebeurt.

Stress.

Moeheid.

Een drukke dag.

Emoties.

Een moment van onrust.

En ineens lijkt alle controle weg.

Is dat herkenbaar voor je? Dan ben je zéker niet de enige.

Waarom streng zijn vaak averechts werkt

Veel vrouwen denken dat verandering ontstaat door strenger te worden. Zoals je dat ook tijdens een dieet zou doen.

Maar vaak gebeurt juist het tegenovergestelde. Hoe strenger jij wordt, hoe groter de kans dat je systeem uiteindelijk terugvecht.

Omdat strengheid spanning geeft. En spanning vraagt vroeg of laat om ontlading.

Vergelijk het eens met een elastiekje. Hoe harder je trekt, hoe groter de kans dat het uiteindelijk losschiet.

Dat gebeurt vaak ook rondom eten. Je probeert controle te houden. Je legt jezelf regels op.

Je mag dit niet.

Je moet dat.

En ergens in jou ontstaat weerstand. Waarna een ander deel van jou zegt 'Ik wil gewoon even rust. Ik kan dit niet meer. Laat me gewoon.'

En dan lijkt het alsof je jezelf saboteert.

De innerlijke saboteur (maar is het wel echt sabotage?)

Misschien herken je dit: Overdag ben je streng. Je 'doet goed je best'.

En ’s avonds? Dan lijkt het alsof er ineens een ander deel van jou opstaat.

Een stem die zegt: 'Ach, laat ook maar. Je hebt het verdiend. Morgen begin ik wel opnieuw.'

En daarna volgt vaak schuldgevoel. Alsof je jezelf weer in de steek hebt gelaten.

Maar wat als dit geen sabotage is? Wat als dit deel juist probeert jou ergens tegen te beschermen?

Misschien probeert het jou rust te geven.

Troost.

Ontspanning.

Een uitweg uit alle druk en controle.

Niet omdat jij zwak bent. Maar omdat er in jou een deel is dat moe wordt van altijd streng zijn.

Schuldgevoel houdt het patroon vaak in stand

Na zo’n eetmoment gebeurt vaak nóg iets.

Je baalt.

Je bent teleurgesteld.

Misschien boos op jezelf.

Je denkt: 'Zie je wel. Ik kan dit gewoon niet.'

En precies daar begint de cirkel opnieuw.

Strenger worden.

Meer controle.

Nog harder je best doen.

Tot je opnieuw vastloopt.

Het lastige is: Schuldgevoel motiveert meestal niet. Het maakt je juist kleiner.

Onrustiger.

Kwetsbaarder.

En daardoor vaak gevoeliger voor eetdrang.

Wat werkt dan wél?

Nee — dit betekent niet: 'Laat alles maar los' of 'Eet dan maar alles waar je zin in hebt.'

Maar misschien begint verandering niet bij méér controle. Misschien begint het bij nieuwsgierigheid.

Bij jezelf afvragen: 'Wat maakt dat ik zo streng ben? Waar probeer ik mezelf tegen te beschermen?

Wat heb ik eigenlijk nodig?'

En misschien nog wel de belangrijkste vraag: 'Wat zou er gebeuren als ik mezelf niet meteen veroordeel?'

Want vaak ontstaat verandering niet vanuit strengheid.

Maar vanuit begrijpen.

Milder leren kijken.

En ontdekken wat er onder jouw gedrag schuilgaat.

Je hoeft niet harder je best te doen

Als je jezelf herkent in streng zijn, controle houden en daarna weer vastlopen: weet dan dit: Je bent niet lui.

Niet zwak. En je hebt niet te weinig discipline.

Misschien ben je simpelweg moe van de strijd.

En misschien hoeft de oplossing niet te liggen in nóg harder werken, maar in zachter leren luisteren naar wat jij eigenlijk nodig hebt.

Herken je jezelf hierin?

Loop je vast in streng zijn voor jezelf, schuldgevoel of steeds opnieuw beginnen met eten?

In Eten in Flow kijken we samen verder dan regels en controle — zodat er stap voor stap meer rust, vertrouwen en vrijheid ontstaat rondom eten.